Portret: Monteverdi

Monteverdi's tijdloze meesterwerken

Door Eddie Vetter

Wie naar muziek van Monteverdi luistert, kan zich amper voorstellen dat deze is gemaakt door een componist die 450 jaar geleden werd geboren. Er lijken geen eeuwen te liggen tussen nu en de uitdrukkingskracht van Orfeo die naar de onderwereld gaat om zijn Euridice terug te halen of het immense verdriet van Tancredi als blijkt dat hij in het gevecht zijn eigen geliefde Clorinda heeft gedood. De ziel van de luisteraars beroeren met het wel en wee van echte mensen, daar was het Monteverdi om te doen. Als hem wordt gevraagd muziek te componeren op een libretto waarin winden de hoofdrollen spelen, verzucht hij in een brief: ‘Hoe, beste heer, kan ik het spreken van de winden imiteren als ze niet spreken? En hoe kan ik daarmee de ziel beroeren? Ariadne ontroert omdat zij een vrouw is, en Orpheus omdat hij een man is en geen wind.’ In al zijn composities gaat Monteverdi uit van de menselijke spraak, het ‘parlar cantando’ (zingend spreken), dat destijds in Italië in de mode was gekomen. Daarbij intensiveert hij de natuurlijke zinsmelodie met subtiele retorische effecten. Claudio Monteverdi (1567-1643) was de oudste zoon van een apotheker.

Al op vijftienjarige leeftijd publiceerde hij zijn eerste werken en niet lang daarna kreeg hij een aanstelling aan het hof van Mantua. Hij zou er 22 jaar verblijven, maar voelde zich in toenemende mate ondergewaardeerd door de hertogelijke familie. Na een korte maar avontuurlijke reis (met een beroving onderweg!) bereikte hij Venetië, waar hij als kapelmeester van de San Marco was aangesteld. Dertig jaar later stierf hij er als een gevierd componist. Gezien zijn preoccupatie met menselijke emoties is het geen wonder dat Monteverdi excelleerde in opera’s. Helaas zijn er slechts drie min of meer volledig bewaard gebleven: L’Orfeo (1607) uit de tijd in Mantua, Il ritorno d’Ulisse in patria (1640) en L’incoronazione di Poppea (1643) toen hij zich op zijn oude dag nog in de Venetiaanse operatheaters waagde. Stuk voor stuk zijn het tijdloze meesterwerken.

32d.jpg 32a.jpg

Als kapelmeester van de San Marco heeft hij uiteraard veel kerkmuziek gemaakt. De Mariavespers zijn nog in Mantua ontstaan, maar wel in Venetië gedrukt. In de Selva morale e spirituale is allerlei latere liturgische en andere geestelijke muziek gebundeld. Geheel naar de geest van de tijd is het theater in de kerk binnengedrongen. Dramatiek speelt ook in toenemende mate een rol in de boeken met madrigalen die hij heeft nagelaten. De vroege werken zijn nog gemodelleerd naar de grote voorbeelden uit de renaissance, maar in zijn handen vallen onder dit genre geleidelijk ook aangrijpende miniopera’s. Een hoogtepunt is wel Il combattimento di Tancredi e Clorinda , uit het achtste boek met madrigalen. Bij de eerste opvoering in het Venetiaanse Palazzo Mocenigo was het publiek in tranen. Bijna vier eeuwen later blijkt het effect van Monteverdi’s muziek onverminderd sterk te zijn.

32c.jpg 32b.jpg